Inhoud:

Allan vertelt zijn verhaal Update Lees zijn verhaal
Persoonlijk verhaal Rick Lees zijn verhaal
Huub vertelt zijn verhaal Lees zijn verhaal
Delano vertelt Lees zijn verhaal
Recensie Tom en Nicolien Lees hun verhaal
Mencia de Mendoza 22-3-2018 Lees het verslag
   
   

Straatraad 30 augustus 2017, Allan vertelt zijn verhaal

Naomi opent de STRAATRAAD en geeft Allan het woord. Allan is lid van de werkgroep verslaving en vertelt vandaag aan tafel hoe verslaving hem in de greep heeft gekregen. In 2011 raakte hij door financiele en relationele omstandigheden zijn huis kwijt en belandde hij in het IJ (tegenwoordig 'de Doorstroom-voorziening'),

destijds door hem genoemd 'een smeltplaats van hoeren, pooiers en gebruikers'.

Allan is van huis uit anti-drugs en op het IJ beseft hij hoe hij is afgezakt naar de goot. Gedurende zijn periode hier leert hij hier de mensen echt kennen waar hij voorheen juist vooroordelen over had. Het is voor hem bijzonder om mensen hun verhalen te mogen horen en te beseffen dat vele echt pech hebben ondervonden in hun leven. 

Met een toelage van 140 euro in de week is de aanschaf van drugs geen probleem. Om hem heen werd amfetaminen gebruikt. Allan vond het hartstikke stoer en ging meedoen. Hij merkte dat gebruik van harddrugs hem een enorme boost van energie en creativiteit gaf die hem goed te pas kwam als webdesigner bij het IJ. Hij raakt verslaafd aan speed en krijgt last van bijverschijnselen: voortdurend strak staan, niet meer kunnen slapen, ogen die uit zijn kop puilen. En hij is ook nog hartpatient. Zijn volwassen dochter (35) heeft door dat hij verslaafd is en wil samen met hem een afkickplan bedenken. Allan is daar op dat moment nog niet aan toe. In 2013 kan hij doorstromen naar, de toenmalige locatie 'Herderheem', onderdeel van Stichting Maatschappelijke Opvang (S.M.O.) waar het IJ ook een onderdeel van is. Dat is een absolute no-go voor Allan. Hij wil zo goed mogelijk zelfstandig blijven. Dan met toeval krijgt Allan een woningaanbod: zijn dochter gaat verhuizen en Allan kan in het huis van zijn dochter gaan wonen. Langzaam groeit het besef dat hij het wel gehad heeft met het gebruik van harddrugs. Zijn dochter is erg bij hem betrokken en wil dat hij, ook voor zijn kleinzoon, stopt.

Sinds januari van dit jaar noemt Allan zichzelf clean. Hij zegt: 'Ik ben cold turkey gestopt met gebruiken en ik heb m'n snuifbuis in de prullenbak gegooid'. Nu, ruim 8 maanden later zijn zijn lichamelijke klachten over en hij heeft weer een goed dag/nachtritme. Hij wil niet meer 'verslaafd' genoemd worden maar omdat hij wel aan de wiet is, reageert iemand uit de STRAATRAAD met: 'dan ben je nog wel verslaafd!' Allan ziet dat eigenlijk niet zo, hoewel hij aangeeft ook zijn wietgebruik te willen afbouwen. In fysieke nabijheid van zijn dochter en kleinzoon gaat het hem makkelijk af om niet te blowen. Aan de ene kant is hij van mening dat de jeugd van tegenwoordig moet kunnen blowen: 'want dan heb je een stel vrolijke mensen bij elkaar die niemand kwaad doen' en anderzijds wil hij toch graag wietvrij zijn als hij onder 1 dak is met zijn dochter en kleinkind.

De leden van de STRAATRAAD haken in op zijn verhaal, ook daar waar het hun eigen (ex) verslaving betreft. De voors en tegens gaan over tafel en niemand kijkt er van op dat je, als je 37 bier per dag denkt nodig te hebben, wel eens verslaafd zou kunnen zijn...

 

Update mei 2018

Allan vertelt:

Helaas moet ik melden dat ik in maart van dit jaar een terugval heb gehad. Na een tijdje hevige behoefte te hebben gehad om weer speed te gebruiken, heb ik helaas weer de snuifpijp aan de neus gezet en heb gebruikt. Al vrij snel begon dit aan mijn geweten te knagen en na goed overleg met Naomi en de rest van de werkgroep, heb ik mijn dochter Daan ingelicht. Deze was diep teleurgesteld en confronteerde mij gelijk met de consequenties. Ik werd voor de keus gesteld: drugs of je kind en kleinkind verleizen. Daar hoefde ik niet lang over na te denken, mijn gezin gaat altijd voor en ik wil de hechte band met mijn dochter niet weggooien. Ook dit keer moet ik toch duidelijk de conclusie trekken dat gebruik van drugs niet de moeite waard is. Ik ben weer gelijk gestopt, maar besef maar al te goed dat het gevaar van een terugval altijd op de loer ligt. Daarom moet ik terugkomen op een eerdere mening over de uitspraak 'eens verslaafd, altijd verslaafd'. Ik ben het levende bewijs dat dat dus gewoon waar is. Ik hoop in de toekomst sterker te zijn...


 

Terug naar boven

 

Persoonlijk verhaal Rick

Ik was 8 jaar oud toen ik voor de eerste keer alcohol dronk. Ik ben opgesloten door mijn vader in de kelder, zonder water en zonder eten. Ik heb ADHD en mijn vader kon hier niet mee omgaan. Iedere keer als ik volgens hem te druk was kreeg ik een klap in mijn gezicht. Niet dat dat hielp want tien minuten later was ik weer even druk.

Toen ik in de kelder opgesloten zat heb ik 1,5 liter Jenever gedronken en ben ik in coma geraakt.

Toen ik 11 was ben ik uit huis geplaatst en ben ik in een instelling terecht gekomen. Dit was een instelling voor volwassenen, waar drugs gebruikt en alcohol gedronken werd. Ik was er gewoon bij als mensen gebruikten en dronken. Mijn moeder vertelde me later dat mijn ouders ook niet wilde dat ik daar zat en dat ze hebben geprobeerd me zo snel mogelijk daar weg te halen. Ik ben in deze tijd ook drugs gaan gebruiken, ik blowde veel. Ik kwam in aanraking met jeugdzorg en heb op verschillende crisis- en woongroepen gewoond.

Vanuit deze situatie ben ik bij een pleeggezin terecht gekomen. Ik heb daar veel gestolen om aan geld te komen en daardoor ging het mis. Daarna heb ik vier jaar bij Maria Rabboni (opvang Jeugdzorg) gezeten. Ik heb de basisschool doorlopen en heb hierna de agrarische opleiding gedaan. De agrarische opleiding heb ik letterlijk slapend gehaald. Ik was altijd stoned maar mijn opa had mij alles geleerd toen ik klein was. Als de docent iets vroeg dan kon ik altijd het juiste antwoord geven en ik had allemaal achten bij mijn examen.

Ik heb ook nog een broer. Hij speelde een belangrijke rol in mijn jeugd en hoe die verlopen is. Mijn broer was ook heel druk. Ik treiterde mijn broer erg veel en op een bepaald punt was het ook zo dat hij bang voor me was. Ik bedreigde hem en heb hem ook vaak geslagen. Mijn moeder heeft later toegegeven dat ik vroeger naar de voetbal moest omdat zij dan even rust had. Ik en mijn broer werden soms gewoon te veel voor haar. Ik heb me de laatste jaren veel zorgen om hem gemaakt omdat zijn gezondheid niet goed is. Op dit moment heb ik goed contact met mijn broer.

Toen ik 18 was heeft jeugdzorg aan mij verteld dat ze niks meer voor mij gingen doen en dat ik een ‘hopeloos geval’ was. Dat was de eerste keer dat ik op straat kwam te staan. Ondertussen ben ik nog altijd intensief gebruiker van drugs en alcohol. Ik rookte € 50,- per dag aan wiet. Toen ik op een dag op het station zat te blowen met een blik bier in mijn handen, kwam er een vreemde man op me af. Hij zei tegen mij dat ik hulp nodig had en heeft daarna 7 jaar voor mij gezorgd. Dit deed hij samen met zijn vrouw en twee dochters. Hij had er voor gezorgd dat ik een woonruimte had. Ik heb zeven jaar lang geld aan hen betaald omdat ik daar woonde. De man uit dit gezin had mij beloofd dat hij dit voor mij zou sparen en dat als ik uit huis zou gaan het geld terug zou krijgen. Dit geld heb ik nooit meer terug gezien.

In 2007 pleegde ik mijn eerste delict. Dit was tegen mijn vader. Hiervoor moest ik 41 maanden zitten waarvan ik er twee doorbracht in een kliniek. Toen ik vrij kwam gebruikte ik veelvuldig pepmiddelen behalve cocaïne en heroïne. De tijd nadat ik was vrijgekomen leefde ik op straat. Ik wilde een eigen huis in plaats van op straat te leven en begon dit te regelen. Toen ik eenmaal een woning had gevonden stonden de schuldeisers op de stoep. Ik had niet gedacht aan mijn oude schulden. Voordat ik vastzat had heb ik een auto gekocht maar nooit afbetaald, dit was een van de schulden die nog open stond. Toen ben ik weer op straat terecht gekomen, omdat ik de schulden niet kon afbetalen. Ik was toen 28 jaar oud.

Ik heb vanaf jongs af aan gewerkt. Eerst werkte ik in een kas en later ben ik in het asbest werk gegaan. Tijdens mijn werk ben ik vaak onder invloed. Bij beide baantjes weten ze hier vanaf. In de kas wordt voor een deel wiet verbouwd en de asbestwereld is ook een coke wereld. Ik krijg mijn loon in twee enveloppen. In een envelop zit mijn geld en in de andere envelop zit drugs. Ik wist eerst niet wat het was, dus vroeg ik aan mijn baas wat ik daarmee moest. Mijn baast antwoordde met dat hij het zo voor zou doen. Ik zit vaak in zijn pauze te blowen en soms gebruik ik ook een pepmiddel. Iedereen deed het, het was normaal. Ik ging ook veel uit. Ik startte met feesten op vrijdag en op zondagmiddag ging ik pas weer slapen. Dit hield ik vol omdat ik drugs gebruikte. Ik ben altijd een sociale gebruiker geweest, als ik gebruikte zorgde ik ervoor dat mijn maten ook wat hadden.

Toen ik op straat leefde sliep ik vaak bij verschillende vrienden die ook gebruikte. Toen ik uit detentie was kon ik nog 4 maanden leven van het salaris wat ik had verdiend door te werken. Toen ik ruzie kreeg stond ik weer op straat. Ik kreeg door een vriend die ik al heel lang ken een kamer aangeboden. Ik had op dat moment een vriendin en ging graag in op het aanbod. Daarnaast was het bijna winter. Toen ik daar net woonde belde een andere vriend die ik ook al lang kende op dat zijn moeder was overleden. Ik ben naar hem toegegaan en heb de hele begrafenis geregeld. Toen ik daarna terug naar huis ging heb ik mijn vriendin betrapt met de vriend waarbij die bij mij inwoonde. Het lukt me om me rustig te houden. Totdat die “vriend” me steken onderwater begint te geven. Dit was de rede van mijn tweede delict. Ik heb die “vriend” in zijn arm gestoken en aan zijn voeten aan de vlaggenmast gehangen. Ik ben opgepakt door de politie en heb een straf gekregen. Toen ging de knop om en heb voor mezelf besloten dat ik niet meer verslaafd wilde zijn.

Ik woon op dit moment in Eindhoven en zit daar in een kliniek. Ik wil wel erg graag weer naar Breda en daar zijn ze vanuit het GGZ mee bezig het te regelen. Zelf ben ik hard opzoek naar werk en blijf ik me inzetten voor het Annahuis.

Terug naar boven

Delano:Levensverhaal m.b.t. mijn verslaving.

Ik zal het verhaal zoveel mogelijk beperken tot het onderwerp.
Ontwikkeling opvoeding en genetische aanleg zijn allemaal factoren die meespelen in het wel of niet gevoelig zijn voor verslaving. Als kind ben ik in Nederland aangekomen in 1975 ik was zeven jaar en ben eigenlijk nooit meer naar suriname teruggekeerd..

Het aanpassen aan de taal vnl de uitspraak en omgangvormen, is door de jaren heen een bepalende factor geweest.

Ik heb veel afwijzing discriminatie en pestgedrag ervaren er werden bijvoorbeeld opmerkingen gemaakt over mijn huidskleur , de vorm van mijn lippen. Dit heeft gemaakt dat ik al vroeg een negatief zelfbeeld ontwikkelde dat ik me alleen maar ok kon voelen met de juiste outfit in principe hing mijn welzijn af van uiterlijkheden . Dit maakt ook dat ik aansluiting zocht bij groepen die zich bezighielden met stoer gedrag. Bijv de jongens die al brommers reden zich op een bepaalde manier populair gedroegen,grote mond, blowen, roken,straattaal bezigden en dus ook de nodige aandacht van de meiden kregen dat wilde ik ook.

Hoewel ik als volwassen persoon uiteindelijk na mijn schooltijd gewoon ging werken en zelf met het gezinsleven begon. Bleek na verloop van tijd dat ik mijn rol als vader met gemengde gevoelens ervaarde. Ik was blij dat ik er kon zijn voor mijn gezin maar tegelijkertijd had ik zelf nooit kunnen leren hoe je als man/ kostwinner een gezinshuishouden op een evenwichtige manier bestiert. Ik heb in mijn kindertijd de nodige rolemodels moeten missen.Rond mijn 30ste levensjaar bleek dat mijn innerlijke gevoelsleven weggestopt was onder materieel en fysiek vertoon. Na een aantal behoorlijke tegenslagen bijv. ik had ontzettend veel schulden en de opvoeding van mijn oudste zoon was problematisch hij is een zgn ADHD kind, heeft daarbij ook behoorlijk hechtingsproblematiek. Daarnaast had ik een heel intensieve baan als bewaarder op een psychiatrische afdeling in het gevangeniswezen.,.Ik heb nooit geleerd hulp te vragen en vond zeker toen dat ik alles alleen moest doen. Ik kwam niet uit mijn problemen en de ellende begon toen ik alle dagen overmatig begon te drinken en mijn ongelukkig gevoel dacht te compenseren met dag en nacht stappen.

In het uitgaansleven kwam ik via stapmaatjes in aanraking met cocaïne (snuif) Ik was helaas al bekend met af toe gebruiken van xtc het bleek voor mij vooral in het begin heel positief te werken. Ik werd er namelijk heel zelfverzekerd van de combinatie alcohol en cocaïne en mede daardoor kreeg ik de nodige aandacht van de opposite sex waar ik met name in mijn puberjaren volkomen van verstoken bleef ik maakte eigenlijk na mijn 30ste een inhaalslag door. Wat mij uiteindelijk nekte was de overstap van snuif naar roken toen ik daar aan begon is alles heel snel achteruitgegaan. Het snuiven van cocaine is al heftig genoeg bij snuif kan je nog enigzins sociaal functioneren het effect is heftig maar de meesten kunnen nog enigszins sociaal functioneren. Het roken van cocaine is eigenlijk nog een stap verder het middel is bij roken geconcentreerder en het effect is sterker dan met snuiven. Ik rookte al snel elke dag en mijn leven viel uit elkaar. Baan kwijt, vrouw weg. Ik heb zelf ontslag genomen omdat ik in gewetensnood geraakte ik had behoorlijk verantwoordelik werk waar voorbeeldfunctie ook belangrijk is en mijn probleem( coke roken) en mijn toenmalige werk gingen naar mijn gevoel niet meer samen. Elke relatie waar een van de partners gebruikt komt onder druk te staan wamt bij verslaving komt het middel waar je verslaafd aan bent altijd bewust of onbewust op de 1ste plaats te staan. En bij een gezonde liefdesrelatie hoort de partner die plek in te nemen.Toen ik eenmaal op straat terecht kwam begon ik vanwege angstgevoelens ook heroïne er bij te gebruiken. Ik gebruikte steeds meer en uiteindelijk was scoren het enige waar ik de hele dag mee bezig was. Dit duurde ongeveer vier jaar lang het ging natuurlijk steeds slechter. Met slechter bedoel ik dat ik vanwege het steeds meer gebruiken eigenlijk steeds depressiever raakte en zover mogelijk bij mijn emoties en andere gevoelens vandaan bleef. Ik at nauwelijks en werd daarom ook steeds magerder,op het laatst moest ik de keuze maken of dood of de kliniek in om af te kicken dat heb ik uiteindelijk dan ook gedaan. Ik ben tussen 2004\ 2008 kliniek in en uit geweest dit met wisselend succes uiteindelijk in Breda aangeland waar ik min of meer controle over mijn gebruik kreeg en dingen als financiën en wonen heb ondergebracht bij derden. Dit om te voorkomen dat ik bij terugval weer in de problemen zou komen. Met terugval bedoel ik weer niet goed omgaan met mijn gevoelsleven ( wegstoppen, verdoven d.m.v.overmatig drugsgebruik).

Op dit moment ben ik 49 jaar mijn gebruik is minimaal in vergelijking met mijn gebruik in vroeger jaren. Ik heb enige controle over de hoeveelheden drugs die ik gebruik en maak er werk van om eerst belangrijkste levensbehoeften te regelen voor ik over ga tot mijn duistere hobby. Het is zelfs zo dat in deze periode het mij lukt om drie dagen middelenvrij te zijn zonder dat ik bezig ben met craving en het vermoeiende innnerlijke gevecht die daar vaak mee samen gaat.Ik ben tevreden over het punt dat ik bereikt hebt. Daarbij heb ik het gelukt dat ik omringd ben met collega en vrienden die mij accepteren zoals ik ben( verslavingsprobleem en al) en ik heb een plekje in het Annahuis waar ik me als een vis in het water voel dat helpt enorm. En zoals zo vaak is het goed gaan in deze situaties een combinatie van aandacht voor psy soc emotinele factoren en in mijn geval zijn deze drie gebieden constant onder de aandacht geweest van af het moment dat ik besloot mijn leven te beteren en het gaat dan bijna altijd zo drie stappen vooruit twee achteruit 1 stap gewonnen daarna is het een kwestie van opsparen van stappen vooruit.

Terug naar boven

Beste Rick en Allan,

Gelukkig herinnerde Dorothé mij er aan, dat ik nog enkele 'recensies' voor de website toe zou sturen, naar aanleiding van jullie aanwezigheid op ons 25-jarig huwelijksfeest. Het was me even door het hoofd geschoten, waarvoor mijn excuses, want ik had het beloofd. Hieronder een drietal reacties:

1.
Het werd mij weer duidelijk hoe dun het lijntje is tussen pech en geluk hebben in het leven. Als je pech hebt, kan dakloosheid je zomaar overkomen. Daarnaast werd in het verhaal weer duidelijk dat de plek/het gezin waarin je geboren wordt, soms bijna garant staat voor een zeer slechte start.

2.
Eerst hield Dorothé een verhaal over de opvangmogelijkheden in Breda voor mensen die aan de rand van de samenleving verkeren, of er af dreigen te vallen.
Daarna begon Allan met zijn persoonlijke verhaal. Allan is een goed uitziende man van rond de zestig jaar. Niet iemand waarvan ik zou verwachten dat hij dakloos zou kunnen zijn.
Zijn verhaal maakte duidelijk dat het iedereen kan overkomen. In de put vallen is één, zijn verhaal hoe er uit te komen was zeker zo indrukwekkend. Allan wist goed en boeiend te vertellen. Hij had aandacht van jong en oud en ik kreeg ook de indruk dat de jongeren wel twee keer gaan nadenken voordat ze gaan gebruiken.
Allan had een persoonlijk verhaal, vertelde boeiend in de ik-vorm en bleef bij de feiten. Hij gaf niemand de schuld van zijn situatie. Wel noemde hij wat rare hobbels in de opvang, extreme huisregels of veel drugsgebruik.
Knap zoals hij nu werkt aan het op de rit krijgen en houden van zijn leven. Allan, dank voor het inkijkje dat jij gaf in jouw leven en veel succes bij het volhouden van de weg omhoog.

3.
Ik kom in mijn dagelijkse leven nooit in aanraking met mensen aan de rand van de samenleving. Ik dacht eigenlijk, dat het hun eigen schuld was, dat ze een zwak karakter hadden. Klaplopers waren. Maar na het verhaal van Rick ben ik daar geheel anders over gaan denken. Mijn goede, stabiele jeugd is voor mij zo normaal, dat ik er van uit ging dat dat voor iedereen zou gelden. Maar je kunt als baby al in de shit terecht komen. Dat is me nu wel duidelijk. En dan is het juist heel erg knap, om te horen hoe hij er boven op is gekomen. Dwars door alle ellende heen. Juist een heel sterk karakter dus! En niets 'eigen schuld, dikke bult'. Ik schaam me nu voor mijn vooroordelen.

Ook Tom en ik waren erg onder de indruk van jullie openheid en eerlijke verhaal. Er werd na afloop veel over na gepraat. Veel meer dan over de andere onderdelen van onze trouwdag. Het riep veel los bij mensen. Echt knap, dat jullie je zo kwetsbaar durfden op te stellen. Ik kan het andere mensen van harte aanbevelen, om jullie uit te nodigen. Geen tenenkrommende ellende, maar juist een getuigenis van kracht, doorzetting en inventiviteit. Ook werd de grote rol van het Annahuis weer benadrukt. Wat zij doen, is niet in woorden of waarde uit te drukken. Er zíjn voor jullie, dat is zo wezenlijk. Zonder oordelen, zonder denigrerend medelijden. Maar naast jullie gaan staan. Heel wezenlijk.

Hartelijke groeten van Tom Jumelet en Nicolien van Roon

 

Terug naar boven

“Wat een geweldige ervaring het was heel tof en ik was wel erg geëmotioneerd. Wat een leven wow’nnmnnn’!!!!!!’’ , aldus één van de leerlingen...

Donderdag 22 Maart 2018 kwamen er 8 leerlingen vanuit de Mencia de Mendoza lyceum uit Breda op bezoek bij het Annahuis om in ontmoeting te gaan met de leden van de ‘’werkgroep ervaring met verslaving’’.  De leden hebben heel openhartig vertelt over het verloop van hun leven met de invloed van drugs, voor welke keuzes zij hebben gestaan en nog steeds staan.

Het leverde een hele waardevolle middag op waarbij de leerlingen veel vragen stelde: “heeft u hulp van doctors gehad om af te kicken van speed?”  “Wordt u na het gebruiken van speed dan ook heel moe?” “wat is eigenlijk een verslaving?” De middag stond in het kader van een interactief gesprek waarbij de leerlingen ook vragen kregen: o.a.“hebben jullie wel eens gerookt of gedronken?”

Allan, een van de leden, sloot af met: “Als je verslaafd bent, denk je dat je het nodig hebt, maar in werkelijkheid is dat niet, dan weet je dat je verslaafd bent”

Foto bron: Anja Bruynseels

Groepsfoto van leden van de werkgroep 'ervaring met verslaving' samen met leerlingen van Mencia de Mendoza Lyceum uit Breda.

Terug naar boven